10. Niet meer nodig

Of ik mijn schoenen uit wil doen want er lag nu tapijt. Dat is fijner voor de jongste die nog kruipt en doet aan ‘buikschuiven’. Jamal spreekt de ‘ui’ nu volmaakt uit, valt deze trotse coach op. Ik kijk de woonkamer in en zie een kleed onder de salontafel en ernaast een speelkleed. Ik vertel hem dat tapijt zonder lidwoord betekent dat de hele vloer ermee bedekt is. En dat je dit een kleed noemt. Als de hele vloer bedekt is, zeg je ook wel ‘vloerbedekking’. ‘Zoals laminaat?’. Nee. En ja… het is natuurlijk wel vloerbedekking maar zo zeg je dat niet… Eh…

Kersmis
Op het kleed staat een dorpje met in perspectief getekende huizen en winkels naast de weg. Er is ook een pretpark op te zien. Ik vraag aan Jamal of hij met de kinderen de Nederlandse woorden oefent voor alles wat er te zien is. Hij zegt dat hij denkt dat de oudste alle woorden wel kent en ik vraag hem naar het reuzenrad en de spoorrails. Voor hem in ieder geval nieuwe begrippen. Als ik vraag hoe het geheel heet, antwoordt hij: ‘Kersmis of zoiets?’. Ik leg vertel hem over pretparken en via de Efteling komen we op sprookjes. ‘Dat gaat over dingen die niet echt zijn, toch?’. Een interessant onderwerp, op zich. Ik maak er nu van dat het hem vooral zit in de wezens die niet bestaan zoals reuzen, elfjes en kabouters.

Dan komen de kinderen terug van school met hun armen vol cadeaus. Het had iets te maken met de Haarlempas en de kinderen zijn verheugd over twee knuffels. Als de middelste zoon op het cijfer onder op een knuffelpootje drukt, hoor je het uitgesproken worden! Dat is natuurlijk leuk en de jongens drukken achter elkaar op alle cijfers. Ik ben inmiddels in de gang en hoor dat de knuffel nog meer tekst heeft. Hilariteit alom. Jamal kijkt over zijn schouder en zegt vrolijk tegen mij: ‘Nu hebben we geen taalcoach meer nodig!’.